Stromingen
Stromingen is het vakblad voor hydrologen. Er wordt ruimte geboden aan wetenschappelijke artikelen, reacties, discussiebijdragen, congresverslagen, boekbesprekingen, vuistregels en proza. Stromingen wordt uitgegeven door de Nederlandse Hydrologische Vereniging.
Op deze pagina kunt u alle artikelen die in Stromingen gepubliceerd zijn opzoeken en downloaden.
Ondiepe waterlopen in Modflow
In regionale Modflow-modellen worden watervoerende lagen gewoonlijk maar één rekencel dik gemaakt. De al dan niet uitgesproken veronderstelling van de modelbouwers is dat dat wel mag, omdat binnen een aquifer de waterdruk vrijwel hydrostatisch is, zodat de stijghoogte in verticale zin toch niet of nauwelijks varieert. Nabij ondiepe waterlopen gaat deze ‘aanname van Dupuit’ natuurlijk niet meer op. De stijghoogte die een regionaal grondwatermodel uitrekent, klopt daar dus niet (in die zin dat hij niet rechtstreeks te verifiëren is met een peilbuis). Om de afwijking te compenseren wordt aan cellen met waterlopen (river cells) een riverbed conductance toegekend, die het mogelijk moet maken om toch de juiste toestroming van grondwater naar de waterloop te berekenen (McDonald en Harbaugh, 1988, hfdst 6).
Redactioneel
Integraal crisisbeheer
Integraal waterbeheer is een gevleugeld begrip, al sinds de jaren tachtig. Je hoort er niet zoveel meer van omdat het wel heel erg vanzelf spreekt dat het waterbeheer integraal moet zijn. Het idee van integraal waterbeheer is nog steeds goed. Alle belangen worden in de beslissingen betrokken. Het watersysteem wordt beschouwd als een geheel en alle componenten ervan doen mee. Grondwater en oppervlaktewater worden geïntegreerd in het beheer meegenomen. We hebben het tegenwoordig over grondwatergestuurde oppervlaktewatersystemen.
Water- en milieuwetgeving moet integraal
De tijd van het pionieren is voorbij als we het over milieuwetgeving hebben. Er liggen stapels rapporten, beleidsdocumenten en wetboeken, aan de hand waarvan we willen voorkomen dat onze leefomgeving voor mens, dier en vegetatie onleefbaar wordt. In de praktijk blijken die stapels niet handig, en soms ook niet afdoende. Ze (ver)hinderen waterbeheerders soms om milieuefficiënte oplossingen door te voeren. Het is dus tijd voor bezinning of en hoe het beter kan.
Functieafweging op basis van doelrealisatie en waardering: methode
Dit artikel beschrijft een methode waarmee conflicterende hydrologische functie-eisen kunnen worden afgewogen en varianten kunnen worden vergeleken. De methode biedt waterbeheerders een hulpmiddel om het gewenste grond- en oppervlaktewaterregime (GGOR) op te stellen. De methode is gebaseerd op het berekenen van de doelrealisatie en het toekennen van waardering aan deelgebieden. De doelrealisatie is een dimensieloze maat voor de mate waarin de hydrologische condities op een locatie voldoen aan de eisen die daaraan worden gesteld door de aan die locatie toegekende functie. De waardering representeert de onderlinge verhouding tussen de belangen die worden toegekend aan deelgebieden met een bepaalde functie binnen een plangebied. Deze waardering is een subjectieve, maar gedeeltelijk ook te formaliseren gewichtenverdeling, die kan worden gebaseerd op bijvoorbeeld natuurwaarde, gewasopbrengst, wateroverlast en planvorming. In dit artikel wordt de methode uiteengezet. In een tweede artikel wordt de methode toegepast.
Representative Elementary Watershed (REW) modellering voor regen-afvoer-simulatie in natuurlijke stroomgebieden: Deel 1, modelstructuur
In het Nationaal Onderzoeks Programma Klimaatverandering (NOP-11, 2001) wordt de verwachting uitgesproken dat rond 2050 de hoeveelheid regen in de winter zal toenemen met 6 tot 12%. Dit betekent dat Nederland vaker geconfronteerd gaat worden met extreem hoge rivierafvoeren zoals die sinds 1993 al vaker zijn voorgekomen. Om potentiële overstromingssituaties te voorkomen zijn wij genoodzaakt nu al maatregelen te treffen. Een belangrijk aspect vormt de vraag wat deze (extra) regen voor onze afvoeren zal betekenen in termen van “hoeveel regenwater komt tot afvoer” en “wat betekent dit voor de piekafvoeren”. Voor het fysisch realistisch simuleren van toekomstige hoogwaterafvoeren moeten modellen gehanteerd worden waarmee het werkelijke afvoergedrag van een stroomgebied gesimuleerd kan worden. In Dunne (1978) is beschreven dat afvoerproductie in een stroomgebied hoofdzakelijk in de ondergrond wordt gegenereerd. Processen van groot belang zijn b.v. infiltratie, exfiltratie, natuurlijke aanvulling, onverzadigde en verzadigde stroming en verzadigde ‘overland flow’ aan het landoppervlak. Een korte beschrijving van het afvoergedrag en afvoerprocessen is gegeven in Rientjes en Zaadnoordijk, (2000). In hetzelfde artikel wordt het gebruik van fysisch gebaseerde regen-afvoer modellen in de afvoerhydrologie besproken. Gesteld wordt dat modelperformance in het algemeen matig is o.a. door hoge data-inputbehoefte, over-parameterisatie en omdat de gangbare Trial en Error modelkalibratie ontoereikend is. Om een aantal van deze beperkende factoren weg te nemen is het REW-model ontwikkeld (Reggiani e.a., 1998,1999, 2000; Reggiani en Rientjes, 2003). In dit artikel willen wij het REW-concept bespreken waarbij de aandacht uitgaat naar de gekozen modelstructuur en de ontwikkelde modelvergelijkingen. Internationaal heeft de REW-modelbenadering inmiddels al veel aandacht gekregen (zie o.a. Beven, 2001, 20021, nu willen wij deze benadering onder de aandacht brengen van hydrologisch Nederland. Het doel van dit artikel is om het REW-concept te bespreken. Wij hebben getracht
Bijeenkomsten: ‘Water Resources Systems – Water availability and global change’, IAHS, Sapporo, 3-11 jul 2003
Water resources systems – Water availability and global change
IAHS, Sapporo 3-1 1 juli 2003
Zoals de meeste lezers van Stromingen wel weten, organiseert onze internationale beroepsvereniging, de International Association of Hydrological Sciences (IAHS) eenmaal in de vier jaar zijn feestje. Opgericht in 1922 met ongeveer 3700 leden in 130 landen is de IAHS is één van de zeven onderdelen van de in 1919 opgerichte International Union of Geodesy and Geophysics (IUGG). De IUGG organiseert om de vier jaar een ‘algemene assemblee’, afgelopen zomer in Sapporo. Ik zelf heb deelgenomen aan het symposium Water resources systems – Water availability and global change van de IAHS. Omdat er relatief weinig Nederlanders waren, wil ik de lezers van Stromingen wat impressies mijnerzijds niet onthouden.
Hatsi-kD: Niet-stationaire putonttrekking in n-lagen in Matlab
Eerst een punt van orde: doordat ik deze rubriek al een poosje niet meer onderteken is het sommige lezers niet meer duidelijk dat ze hun inzendingen kunnen richten aan kees.maas@kiwa.nl. Iedereen die een vuistregel kent, of een compact presenteerbare wetenswaardigheid die met ons vak te maken heeft, is welkom. Verder haast ik me om te stellen dat ik deze HatsikD niet zelf gemaakt heb. Het is een inzending van Theo Olsthoorn. Ter aanvulling vooraf merk ik nog op dat de studentenversie van Matlab niet meer te koop is in de vorm die we destijds in een artikel in Stromingen aanprezen. Tegenwoordig is een collegekaart vereist, en de aanschaf omvat tevens Simulink en een symbolisch wiskundepakket.
Waterdicht
Tussen de rivieren
Ik lig in het gras tussen de Waal
en de Maas. een dag die er wezen mag.
Zon zo oud als Methusalem.
Een merel versleept mijn schoen,
en de veter speel voor worm. Ach,
de Waal, de Maas de Vltave. Terug
naar de bron op dobberende dromen.
Een vis in het water. Witte wijven
schudden ongegeneerd ’t eenzaam dons
leeg en ik schiet weer in een kurken
vestje door de woeste Sint-Jansstromen.
Rivier in meervoud, betrapt, ontsnapt.
De eeuwige voorbijganger, net als ik.
Net als vuurvliegjes op het fijne
verhemelte van de vervalende zomer.
Wolken daarginds aan de overkant:
bokshandschoen, olifant, kop van Jut,
hemd met kant.
Jana Beranova