Stromingen
Stromingen is het vakblad voor hydrologen. Er wordt ruimte geboden aan wetenschappelijke artikelen, reacties, discussiebijdragen, congresverslagen, boekbesprekingen, vuistregels en proza. Stromingen wordt uitgegeven door de Nederlandse Hydrologische Vereniging.
Op deze pagina kunt u alle artikelen die in Stromingen gepubliceerd zijn opzoeken en downloaden.
Bijeenkomsten: ‘Symposiumverslag Schlussveranstaltung Nationales Forschungsprogramm 31 – Klimaanderungen und Naturkatastrophen’
De Alpen worden wel beschouwd als het meest bedreigde berggebied ter wereld. Daaraan zijn verschillende in elkaar grijpende ontwikkelingen en processen debet. De laatste twee decennia zijn deze onderzocht, onder meer in het kader van de Zwitserse bijdrage aan het <<Man and Bio- spherew-project van UNESCO – tot op heden één van de meest uitgebreide onderzoeksprogramma’s in de Alpen.
Eenvoudige stochastische modellen voor grondwaterstandsfluctuaties Deel 1 : Een stochastische differentiaalvergelijking
In het kader van het onderzoek naar alternatieven voor grondwatertrappen zijn twee eenvoudige stochastische modellen ontwikkeld waarmee grondwaterstandsfluctuaties op een locatie kunnen worden beschreven. Als op de locatie slechts gedurende een korte periode grondwaterstanden gemeten zijn, kunnen de stochastische modellen gebruikt worden om een groot aantal langjarige reeksen van grondwaterstanden te simuleren. Deze kunnen vervolgens worden gebruikt voor het ontwerp van kunstwerken en het vaststellen van waterbeheer, eventueel aangevuld met een risico-analyse. Hierbij kan ook het effect van lokale ingrepen worden geanalyseerd. Het ligt in de bedoeling om de modellen te gaan gebruiken als basis voor tijd-ruimtemodellering van grondwaterstanden en het berekenen van gebiedsafvoeren. De stochastische modellen worden beschreven in twee artikelen. In elk artikel wordt een model afgeleid en gevalideerd op twee locaties waar grondwaterstanden zijn waargenomen. In dit artikel wordt een model besproken dat geschikt wordt geacht voor ondiepe grondwaterstanden (Gt’s I-V), terwijl het model in het tweede artikel bedoeld is voor diepere grondwaterstanden.
Vooruitgang
Ik heb een nieuwe computer. Daar ben ik niet blij mee. Er zitten een heleboel nieuwe mogelijkheden op. Dat heet vooruitgang. Alleen begrijp ik niet hoe ik die mogelijkheden moet gebruiken, en bovendien: ik heb helemaal niet om die nieuwe mogelijkheden gevraagd.
Hatsi-kD: Operationeel beheer beregening in droge gebieden
Deze dertiende Hatsi-kD is gewijd aan een suggestie voor operationeel peilbeheer door Bram Bot, raadgevend ingenieur te Rotterdam.
De tri-verontreiniging bij Hilversum, een kwestie van DNAPL’s
Stoffen als tri en per kunnen als zware, dichte vloeistof door meerfasenstroming in diepere aquifers binnendringen. Stoffen met deze eigenschappen worden DNAPLS genoemd. Voor de tri-verontreiniging waarmee waterleidingbedrijven in de omgeving van Hilversum sinds 1977 kampen is nagegaan of de aanwezigheid van pure tri in de ondergrond als bron van de problemen fungeert. Op grond van concentratiegegevens uit de grondwatermeetnetten en uit de interceptieputten is aannemelijk gemaakt dat dit inderdaad het geval is en dat de verontreinigingsbron tot een diepte van 50 m is weggezakt. Uit reacties van het concentratieverloop op veranderingen in de grondwaterstromingsrichting kon de positie van de ondergrondse bron beter worden geschat. Het verdient aanbeveling in het grondwaterbeschermingsbeleid speciale aandacht te besteden aan het verspreidingsgedrag van DNAPL’s.
Brieven
Reactie op het artikel ‘Simuleren van 3D dichtheidsafhankelijke grondwaterstroming: MOCDENS3D’ door Gualbert Oude Essink in STROMINGEN 4 (1998), nr. 1.
Meerdere boekbesprekingen
‘Tracer Studies and groundwater Recharge Assessment in the Eastern Fringe of the Botswana Kalahari: The LetlhakengBotlhapatlou Area’, ‘Recharge of Phreatic Aquifers in (Semi-) Arid Areas’, ‘Grondwater in Nederland’
Verwijdering van stikstof en fosfor door bufferstroken langs de Mosbeek
Bufferstroken worden genoemd als mogelijke gebiedsgerichte maatregel om de belasting van oppervlaktewater met meststoffen uit de landbouw te verminderen. In dit artikel wordt ingegaan op verschillende mogelijke vormen van bufferstroken en op processen die een rol spelen bij bufferstroken. Perspectieven voor bufferstroken zijn onderzocht middels veldmetingen nabij de Mosbeek in Noordoost-Twente. Op basis van metingen van de hydrologie en chemie in het grondwater is met behulp van een modelinstrumentarium nagegaan in hoeverre bufferstroken de belasting van de beek met stikstof en fosfor kunnen verminderen. De aanleg van een tien meter brede bufferstrook langs intensief bemeste gras- en maïspercelen levert een vermindering van de stikstofbelasting van 2% tot 28%. De vermindering voor fosfor bedraagt -6% tot 22%. De vermindering van de belasting door de bufferstrook wordt verklaard door een verkleining van het bemeste areaal, afvoer van stikstof en fosfor met gewas van de strook en denitrificatie van stikstof: Vermindering van de bemesting op de landbouwpercelen heeft een grotere invloed op de belasting van de beek dan de bufferstroken.
De effectiviteit van bufferstroken voor fosfor neemt toe indien de fosfaatverzadigde bodem van de bufferstrook wordt vervangen door fosforarme grond en de zuurstofcondities goed zijn; de effectiviteit voor nitraat kan toenemen door verlenging van de verblijftijd van het water en zuurstofarme condities in de bufferstrook.
Op basis van het onderzoek wordt geconcludeerd dat bufferstroken op de proeflocatie slechts een kleine bijdrage kunnen leveren aan de vermindering van de emissie van meststoffen naar de Mosbeek. De weliswaar geringe milieuhygiënische werking van de bufferstroken draagt toch bij aan de totale waarde van stroken langs beken, die tot dusver hoofdzakelijk gebaseerd was op ecologische en landschappelijke motieven.